Skip content

2017/164/CBE

Beroep tegen de beslissing van het CBE van De Haagse Hogeschool waarbij het administratief beroep van appellant tegen de beoordeling van het toelatingsonderzoek maatschappijwetenschappen in het kader van het colloquium doctumonderzoek, ongegrond is verklaard.

Zaaknummer: 2017/164
Zittingsdag: Donderdag 23 november 2017
Datum uitspraak: 30-01-2018
Trefwoorden:
Artikelen:

Hoofdoverwegingen:

2.3.3. Met verweerder is het College van oordeel dat appellant uit de hem ter beschikking staande informatie heeft kunnen afleiden wat de zwaarte was van de examens die hij in het kader van het toelatingsonderzoek moest doen en welk materiaal hij ter voorbereiding daarop zou kunnen bestuderen. Dat, zoals appellant heeft gesteld, andere onderwijsinstellingen meer informatie verstrekken over de voorbereiding op de examens, betekent nog niet dat de informatie van De Haagse Hogeschool niet toereikend zou zijn.
2.3.4. Dat appellant bij het niet behalen van een voldoende voor een of meer vakken in juni geen mogelijkheid zou hebben dit vak te herkansen, is duidelijk in de toelatingsregeling vermeld, zodat appellant daarvan op de hoogte kon zijn. Dat het ontbreken van deze mogelijkheid betekent dat hij bij een volgende gelegenheid in alle drie de vakken opnieuw examen moet doen, kon hem eveneens bekend zijn voordat hij aan deelname van het toelatingsonderzoek begon. De WHW verplicht een onderwijsinstelling ook niet om bij examens als die waarom het in de voorliggende zaak gaat, herkansingen aan te bieden.
2.4. Wat hiervoor is overwogen betekent dat de betogen van appellant niet slagen en dat het beroep ongegrond moet worden verklaard.

Downloads