UItspraak in de zaak 2014/014/CBE

Bestreden beslissing:

Beroep tegen de beslissing van CBE Hogeschool van Amsterdam, waarbij het beroep van appellant tegen de beslissing van de examencommissie opleiding Voeding en Diëtetiek hem een bindend negatief studieadvies te verstrekken, ongegrond is verklaard.

Uitspraak CHBO:

Ongegrond

Hoofdoverwegingen:

2.4.1. Anders dan appellant betoogt, volgt uit de nadere toelichting van het CBE, waarbij is verwezen naar een email van de examencommissie van 25 april 2014 en de emails van de docenten Voeding [naam 2] en [naam 3], eerste en tweede beoordelaar, van 16 mei 2014, dat de tweede beoordeling betrekking had op de door appellant gemaakte vervangende opdracht, te weten de PDCA-cyclus, en deze beoordeling was verricht door een docent die niet bij de eerste beoordeling van het PBSC van appellant betrokken was. Artikel 8.4, derde lid, aanhef en onder b, van de Awb, die ingevolge artikel 7.66, tweede lid, van de WHW op deze procedure van overeenkomstige toepassing is, laat het College verder geen ruimte voor een inhoudelijke beoordeling van de waardering die aan de door appellant opgestelde opdrachten is toegekend. In zoverre kan zijn betoog dat zijn werk niet slechter is dan die van zijn medestudenten, wat daar ook van zij, in deze procedure niet leiden tot het daarmee beoogde resultaat. Hetgeen appellant heeft aangevoerd, biedt verder geen grond voor het oordeel dat het CBE niet heeft onderkend dat bij de beoordeling van deze opdrachten in strijd met het recht is gehandeld. Het College ziet derhalve geen grond voor het oordeel dat niet van de uitkomsten van de beoordelingen mocht worden uitgegaan.
Nu vaststaat dat appellant aan het einde van het tweede studiejaar het propedeutisch examen niet heeft behaald en hij geen persoonlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 6.4 van de OER naar voren heeft gebracht, komt het College tot het oordeel dat het CBE terecht heeft overwogen dat de examencommissie haar beslissing om appellant een negatief bindend studieadvies te geven in redelijkheid heeft genomen.