Uitspraak in zaak 2018/213/CBE

Bestreden beslissing:

De examencommissie heeft namens het instellingsbestuur aan appellant een bindend negatief studieadvies verstrekt voor de opleiding Commerciële economie..

Het CBE van de HvA heeft het administratief beroep van appellant tegen die beslissing ongegrond verklaard.

Tegen de uitspraak van het CBE heeft appellant beroep ingesteld bij het CBHO.

Uitspraak CBHO: Ongegrond

Hoofdoverwegingen:

2.4. Niet in geschil is dat appellant 49 studiepunten heeft behaald en daarmee niet heeft voldaan aan de norm bedoeld in artikel 5.2 van de OER. Voorts is niet in geschil dat zich bij appellant in het studiejaar 2017-2018 geen persoonlijke omstandigheden hebben voorgedaan die het niet voldoen aan de studienorm kunnen verklaren. Hetgeen appellant aanvoert over het eerste studiejaar, ligt in deze procedure niet ter beoordeling voor. Appellant had dit betoog moeten aanvoeren in het kader van de beslissing van 18 juli 2017 tot opschorting van het bindend studieadvies tot het tweede studiejaar.

De examencommissie heeft erop gewezen dat appellant in het studiejaar 2017-2018 twee maal in de gelegenheid is gesteld om deel te nemen aan een tentamen voor het project "sales", maar dat hij dit tentamen op 7 november 2017 geen voldoende heeft behaald en de examencommissie niet heeft verzocht om een extra toetsgelegenheid. Bovendien heeft appellant ook het vak Engels niet gehaald. Nu appellant niet aan de studienorm heeft voldaan, is aan hem terecht een BNSA verstrekt. Dat appellant de overige vakken wel heeft behaald, kan niet met zich meebrengen dat voorbij wordt gegaan aan het bepaalde in artikel 5.2 van de OER. Derhalve bestaat geen grond voor het oordeel dat het CBE de beslissing van de examencommissie ten onrechte heeft gehandhaafd.

Het betoog faalt.