Uitspraak CBHO 2021/008

Bestreden beslissing:

Op het verzoek van appellant om een dwangsom vast te stellen wegens het niet tijdig beslissen door de examencommissie is door het college van beroep voor de examens afwijzend beslist.
Tegen de afwijzing heeft appellant beroep bij het CBHO ingesteld.

Uitspraak CBHO:

Niet-ontvankelijk
 

Hoofdoverwegingen:

2.3. Het College overweegt over het beroep gericht tegen het niet tijdig beslissen als volgt. Op het moment dat appellant op 18 januari 2021 dit beroep heeft ingesteld, was reeds een nieuwe beslissing genomen. Appellant heeft dan ook geen belang bij dit beroep, zodat het beroep niet-ontvankelijk is. Over het beroep gericht tegen de afwijzing tot het toekennen van een dwangsom overweegt het College dat appellant direct beroep bij het College heeft ingesteld. Appellant dient echter eerst de voorprocedure bij de Hogeschool van Amsterdam te volgen. Het College zal daarom ervoor zorgdragen dat het beroepschrift, voor zover gericht tegen de afwijzing tot het toekennen van een dwangsom, ter behandeling wordt doorgestuurd naar de Hogeschool van Amsterdam. De ter zitting van het College gevoerde discussie of de opleidingsmanager de aangewezen persoon was om te beslissen op zijn verzoek dient in de voorprocedure te worden gevoerd.